Harlingen, inventarisatieboeken door de WAO

Sinds september 2016 zijn leden van de Werkgroep Archiefonderzoek, een werkgroep van de Vereniging Oud Harlingen, bezig met het overnemen van de belangrijkste gegevens uit de 33 Inventarisatieboeken van Harlingen. In deze boeken staan verslagen van inventarisaties van sterfhuizen, zoals die plaatsvonden van 1589 tot 1727. Het project RedBot stelde hiervoor welwillend de foto's van deze inventarisatieboeken beschikbaar, het Hannemahuis een werkruimte en het Stadsarchief inhoudelijke ondersteuning. We zijn ze dankbaar.

De inventarissen die aan een bepaald adres zijn toegeschreven zijn ook zichtbaar via 'Huizen -> Zoek je huis'. In onderstaande lijsten is dat adres ook zichtbaar. Een groen adres geeft aan dat het adres vrij zeker juist is. Bij niet groene adressen is dat minder zeker, maar het is hopelijk toch minstens in de buurt. Zoals altijd zijn de kolommen te sorteren door op de kolomkop te klikken, boven de tabel kan snel naar de juiste letters of de juiste pagina worden gesprongen, en door op een adres te klikken verschijnt de pagina met alle bekende gegevens van dat adres.

N.B. Alleen als de lijst is gesorteerd op datum, is de extra kolom 'relatie' te zien, omdat die alleen dan de relatie met de volgende persoon in de lijst kan weergeven.

Gegevens uit bronnen worden zorgvuldig overgenomen, maar lees- en typfouten zijn onvermijdelijk. Gegevens die niet in de bron staan maar door mij zijn aangevuld op basis van andere bronnen of andere gegevens uit dezelfde bron, zijn voorzien van een *. Gegevens die door mij aangepast of geïnterpreteerd zijn, zijn zoveel mogelijk voorzien van een verduidelijkende toelichting tussen [blokhaken]. Bij het overnemen van eigennamen is de originele spelling gehandhaafd. Soms is echter te voorzien dat een kennelijke schrijf- of spelfout in de bron een probleem zal geven bij het zoeken naar een eigennaam of bij het maken van een alfabetische index. In zo'n geval is de juiste of meest voorkomende spelling van een eigennaam aangehouden, met toevoeging van een toelichting tussen [ ]. Bij het overnemen van plaatsnamen, straatnamen en beroepen die in alfabetische indexen terecht komen is voor zover mogelijk de moderne spelling aangehouden, om het zoeken te vereenvoudigen. Mogelijk staat in een bron bijvoorbeeld Doccum, terwijl op deze website Dokkum staat. Zo wordt een glaesemaecker een glasmaker. Die spelling is voor het doel van deze website (het ontsluiten van bronnen, niet het transcriberen van bronnen) niet belangrijk.



Deze gegevens zijn voor het laatst bijgewerkt op 2021-11-01 18:02:05



Vindplaats:  Tresoar, Nedergerecht Harlingen (13-16) inventarisnummer 214 folio 14r

Pand:  Voorstraat 50

Inleiding:  [0014r] Inventarisatie en beschrievinge gedaen ten overstaen van de burgemeesteren Folckert Lammerts Nijkerk en Pytter Pytter Oldaens als commissarien, geadsocieert met dr. Dominico Wringer secretaris, ten sterfhuise van wijlen Harmen Thomas Gonggrijp, in leven contrarolleur der Convoyen ende licenten binnen dese stadt Harlingen, van alle sodanige goederen actien ende credytten sampt uyt- ende inschulden die ten voorschreven huyse zijn bevonden, omme vervolgens te maecken staat en liquidatie sampt deylinge ende scheydingen van goederen tusschen Bavius Gongrijp clerq ter secretarye alhier zijnde een voorsoon van welgedachte contrarolleur bij wijlen Berber Palzes in echte verweckt, ende desselfs naegelaten weduwe Roelefke Joostes als moeder ende wettige voorstanders over haer vijf kinderen bij den meergemelten contrarolleur echtelyck geprocreert, ter instancie van de coopman Fedde Tjeerdts als geauthoriseerde curator ad actum divisionis over voorschreven Bavius Gonggrijp ende op 't aengeven van gemelte Roelofke Joostes, nadat zij den behoorlijke eed in forma omme alles nae haer beste weten en kennisse wel en ter goeder trouwen aen te geven sonder yets desen aengaende ter beswijgen hadden gepraesteert in handen van welgedachte mede commissaris Nijkerk, waerop dan alsoo tot de beschryvinge is geprocedeert wes volght. Actum den 12 Marty 1679.

Inventaris: 
[0014v] In de voorkamer 
een bed met een peul 
seven oorcussens 
een paer rood sayen 
een rood sayen rabat en bedspreed 
vijf roode stoelcussens 
vijff stoelen 
vijf schilderijen soo groot als kleyn 
een gemarmerde tafel met een rood sayen spreedt 
een spiegeltie 
twee porcelijnen klapmutskes 
twee dito dubbelde butterschotels 
een eecken mantelstock 
een State Bijbel 
een wit gordijn voor de glasen 
 
[0015r] In 't voorhuys 
ses groen laekens stoelcussens 
ses stoelen 
vier schilderijen 
een zeecaert 
een naykorfke 
een spiegel 
twee porceleynen schutteltjes 
drie dito darde soorte schootels 
twee dito koppen op de cas 
drie dito dubbelde butterschotles op de poort 
een dito cop op de poort 
een platie 
een grauw kleetje voor de glasen 
een geverfde cas 
 
In de binnenkamer 
een bed met een peul 
[0015v] een kleyn oorkussentie 
een wijtlingh 
een paer groen sayen gordijnen met rabat ende bedspreedt 
negen stoelcussens in soorte 
negen stoelen 
seven schilderijen in soorte 
een spiegel 
een gemarmerde tafel, met een groen sayen spreedt 
een mantelstock met drie knoppen 
twee glasgordijnen met hun roenden 
drie halve porceleyne lampetten 
drie dito dubbelde butterschotels 
vier dito butterpanties, soo heel als stucken 
acht dito koppen in soorte 
twee bierglaeskes 
een tange 
heerdbesem 
een groen sayen met een wit linnen schoorsteenkleedt 
 
[0016r] In de gang 
een mantelstock met drie knoppen 
een stoffer, mangelbord en twee mangelstocken 
 
Een rack daerop: 
negen schaelen 
twee porcelijnen butterpantjes 
twee krijten peertjes 
 
een pieck 
 
In de achterkamer 
een bedtsack 
een groen laekens bedspreedt 
een groen laekens rabath 
twee sayen gordijnen groen 
een groen laekens met een wit langh schoorsteenkleedt 
een groen lakens tafelspreedt 
twee groen sayen glas gordijnen 
vijf groen laekens stoelcussens 
[0016v] vijf swarte stoelen 
vier schilderijen 
een swart ebbenhouten tafel met een groen dexel 
een spiegel 
drie porcelijnen koppen op de kas 
drie dito derde soorten pannen 
twee dito groote klapmutsen 
een dito dubbelde butterschuttel 
een ditoe kleyn klapmutske 
seven dito butterschuttels 
vier dito koppen en twee kelckjes op de schoorsteensmantel soo geheel als stucken 
een swart ebbenhouten kleerbesem 
 
In de spijskamer aldaer 
een groen scherm met lidden 
een lanteern 
een passer of drinckglas 
[0017r] een wit steenen waterpot 
twee vier pond tinnen schotels 
twee dito 5 pond 
twee groote tinnen kandelaers 
een kleyn wit kantje met een silveren lidt 
een dito met een tinnen lidt 
 
Een Hollandtse cas daerin volgende posten: 
 
Linnen 
twee vrouwen hembden, Bavius wegens zijn moeder toebehorende. 
vijftich mans hembden 
drie en veertich laekens soo groot als kleyn 
ses wijtlingen 
veerthien tafellaekens 
negenendartich servetten 
acht peuldoeken, noch twee dito 
[0017v] vijf peulsacken in de banck behorende 
twee packen mans witte onderkleren 
darthien neusdoeken, Bavius sijn moeder toebehorende 
sesendartich slopen soo kleyn als groot 
vier handdoecken 
twee kasdoecken 
 
Wollen klederen 
drie swartlaekens mantels in soorte, waaraf de eene aen Bavius is overhandight om bij hem gedragen te werden. 
een swart greynen mantel 
een coleurd greynen mantel 
een swart laekens pack mans klederen, sijnde een rock met een broek 
een swart grijenen mans rock 
een pack oude greynen klederen, een oudt swart laeckens mansbuys 
[0018r] een pack gecoleurd daegsklederen, zijnde een rockjen met een broek 
een pack roodsayen onderkleren, met silveren knopen 
een pack dito grauwe sayen, met silveren knopen 
een gesontheyt met silveren knopen 
een groen gevoerde deecken 
twee Spaense deeckens 
een toppen deecken 
 
Silverwerk 
een silveren kop 
een silveren mosterpot 
een silveren ijsbekertje 
een silveren kan lid 
eenigh silveren poppegoedt, bestaende in ellef stuckjens 
een silveren hecht 
een silveren signet 
een silveren kerlkjen 
 
[0018v] een mes met een brandtstenen hecht 
een fork met een brandtsteenen hecht 
 
In de voorste kelder 
twee bierstellingen 
 
Op de kleersolder 
een mangeltafel 
veertien kleerstocken 
eenige matten 
een mangelkorf, bord en backjen, met een moutje 
een coperen handwaschersbecken 
 
Op de solder 
een leeuwerix korf 
een wafelijser 
een wijgbanck 
een kleerkorf 
een oude koffer 
eenige angeliersstocken 
eenige oude angelierspotten en ander rommelingh 
[0019r] een ijser om de heerd voor de kinders te gebruicken 
 
Op de achteropcamer 
een paer blauw sayen gordijenn met rabath ende bedspreedt 
een schilderije 
een porceleynen mostertpottie 
twee romers 
een blauw sayen schoorsteenkleedt met een wit dito 
drie witte glasgordijnen 
twe blauwe Spaense stoelen 
een swarte stoel 
een blauw stoelcussne 
een blauw sajetten deecken 
seventhien groote kindere doeken 
vierendartich kleyne doeken 
vier kleyne sloopkes 
[0019v] een kistie met kindergoedt 
twee kindere lijfkes 
twee witte ruften, een ruft uytgeleent 
vier kindere dekentjes 
een kackstoel, oock uytgeleent 
 
Op het krackjen of kamerke boven de gangh 
twee wijgen [wiegen] 
een reyscorf 
drie korfkes in soorte 
een hackbordt 
een rack met een dosijn steenen tafelborden 
een vleysvat 
een schilderd bord 
een kinder slaepbanckjen 
een raempt om linnen op te drogen 
[0020r] drie banck dekentjes 
een oorkussen ofte peultie 
een half laecken 
een kleyn wijtlingjen 
een peulsackjen 
een oud platje 
 
In een spijntie 
een kleerkorf 
een fleskelder 
twee doosen met een meeltijntie 
een schenkbackjen 
een wit suycker vatje 
 
In de middelkelder 
een coperen boffertpan met een lidt 
eenige flessen 
drie wateremmers 
een wijvat 
een bierstellingh 
[0020v] een vatje Jopenbier doch niet vol 
 
Op de solder van 't achterkamerke 
een rest turf en hout voor desen getauxeert op twintich caroliguldens f 20-00-00 
aen soetemelx caes gecocht voor f 5-00-00 
 
Op 't achteropkamerke 
een slaepbanck daerin twee wijtlingen 
een bed met een peul 
twee groen gevoerde deeckens 
een Spaense deecken 
een kinder krebbetje 
een parske met een schabeltje 
een eeken kaske 
een spiegel 
een mantelstock 
een pulpetrum 
een groen laekens rabat 
[0021r] drie blauwe pannen 
twee agorkes flessen 
een boetellie 
drie stoelen 
 
In de keucken 
een bed met een peul 
vier oorkussns 
drie deekens in soorte 
twee bonte gordijnen met 't rabat en een schoorsteenkleedt, en bedspreedt 
een tafel met en groen tafelspreed daerover 
een spiegel 
drie schilderijen in sorte 
een almenach met een lijst 
twee porcelijnen schutteltjes aen yder zijde van 't almenach 
thien witte schalen 
een turfkorf 
[0021v] een stoel 
een koperen koeckpan 
een hangijser 
een castanie brader 
een tange, kettingh ende scherm 
een mantelstockjen 
twee kleerbesemen 
een hayrborstel 
 
In de spijskamer 
een mesken gotelingh 
een mesken potje 
een vierponts tinnen schuttel 
een tinnen kom 
een tinnen stoofpot 
een tinnen flapkan 
een tinnen half mingelen 
een tinnen kandelaar 
een klein botellie 
[0022r] twee blicken lampen 
een mesken blaker 
een gangh kandelaertje 
een standkandelaer met een ijseren blaker 
een wit steen olypottje 
een kleyn meelvatje met een tinnen tafelbord met gatten en een peperdosie van tin en een van hout. 
een rooster met een ijseren snuyter 
een brood en kaes back 
vier witte stenen pannen 
seven tinnen lepels met een kopke 
een ijseren pot 
een koperen aker 
een mesken schuymspaen 
eenigh slecht schuttelgoedt 
een topke en een luywaegen 
twee houten backen 
[0022v] een blicken salaedtsemmer 
een suypvat 
een strijckijser 
 
In het wasch loodts 
een coperen doofpot 
drie wasch tobben met een schammel 
vier kindere tafelspreedtjes 
nogh twee andere stoeltjes 
twee treeften 
twee ledders 
twee stucken tot de thuyn behorende, te weeten een leppe met een harcke of klauw 
een blicken vuilens schop 
een houdten handvat 
 
Brieven en instrumenten 
een obligatie op de stadt Harlingen van 't opschot van de bewuste hondert guldens de dato den 30e july 1672, dus f 100-00-00 
aen interessen daerop te goede f 2-10-00 
---------- 
f 102-10-00 
 
[0023r] een handschrift tot laste van de capiteyn Ruyrd Jans Sanstra, cum uxore, van dato den 15e april 1673 waerop gereekent is noch te goede te zijn, soo capitael als interesse, een hondert en vijftien caroliguldens f 115-00-00 
een acte van assignatie bij bovengedachte capiteyn gepasseert aen de contrarolleur Harmen Thomas Gonggrijp, op de heer ontfanger Saco Idsinga van dato den 18de novembris 1674, omme bovengedachte penningen jaerlijx aldaer van sijn tractament in te vorderen. 
Wort hier nog pro memoria gestelt de summa van dartich caroliguldens, desen sterfhuyse competerende, van dr. Jacobus Canter, gewesen convoymeester alhier, wegens de ontfanger van de een per cento, bij den selven genooten. 
Alsmede seeckere darthien caroliguldens aen een bootsgezel geleent, ad f 13-00-00 
Noch een summa van vijfhondert caroliguldens, bij der kinderen bestemoeder Aeltje Harmens berustende, bij provisie van vaders goederen de kinderen noch competerende f 500-00-00 
[0023v] ende noch wegens het geene aen het comptoir te goede is, hier uyt effen comende werden gestelt, soo wegens de huyshuyr als d'een per cento f 90-15-00 
Eyndelyck noch seecker obligatie tot vierhondert caroliguldens, bij de contrarolleur Harmen Thomas Gonggrijp opgenomen, ende naederhants bij Roelofke Joostes tijt betaalt f 400-00-00 
---------- 
f 490-15-00 
 
Vasticheden 
De coopbrieff van de huysinge cum annexis, staende ende gelegen binnen deser stede aende de zuidtcant van de Voorstraet [d.i. Voorstraat 50], waeruyt de contrarolleur Harmen Thomas versturven is, althans bij de weduwe bewoont, van dato den 27sten january 1677, gecocht voor een summa van twee duysten acht hondert caroliguldens f 2800-00-00 
Ende wort hier noch voor proufijttelyk gebracht, het naevolgende, waerover nochthans eenich dispuut is 
Een notule van de contrarolleur meldende dat hij Sytie Palses geleent off voor haer uytgeleyt heeft f 31-05-00 
Noch voort sterfhuys te goede, aen interesse, wegens 't gene de contrarolleur nimmer gehadt als zijn competentie was uyt wijlen Pals Bauckes ster[f]huys f 40-00-00 
---------- 
f 71-05-00 
 
[0024r] Lasten ofte schulden 
De burgemeester Augustinus Pytters Brouwer, competeert wegen geleverd bier, voor een jaer, de summa van f 80-06-12 
Noch seeckere actie belangende een jaer huyshuyr van 't huys op de Noorderhaven voor desen bij de contrarolleur cum uxore bewoont, tegens de curator van wijlen Sybrandt Hessels kinderen of zijn erfgenamen sijnde gestelt op goede mannen g'accordeert op f 37-16-00 
Comt noch Aelte Harmens vijftien caroliguldens bij haer ten dienste van den sterfhuise verschooten f 50-00-00 
Jillis Gerrits coopman, comt wegens geleverde waeren f 6-00-00 
De kinderen van de contrarolleur Harmen Thomas Gonggrijp debent ouerschult f 16-00-00 
Pals Bauckes kinderen comt van den sterfhuise wegens geleverde bieren f 239-12-08 
De contrarolleurs weduwe heeft noch uytgeschooten wegens expensen, soo nu soo dan ende van tijt tot tijt, tot last van den sterfhuyse f 10-14-00 
Eyndelyck, noch wegens geleent geldt f 6-06-00 
---------- 
f 519-19-04 
 
[0024v] Goederen bij Bavius Gonggrijp uit den sterfhuyse genoten hem wegens zijn wijlen moeder alleen eygen. 
In een silveren kistje 
vier gouden ringen 
seven stucken gout soo kleyn als groot 
seven stucken silver geld, soo kleyn als groot 
een silveren driepegel 
een silveren vrouwen hechten mes 
een silveren kroes 
vier silveren lepels 
een mostert lepeltie 
een dito rinckelbel 
een musket en forket stockje 
 
In de spaerdoos 
een gouden ducaat 
een vergulden rijxdaelder 
3 1/2 rijxdaelders 
vijftien stuckjes grosgeld 
een silveren stuck, waerop aen de eene cant staet 't verlaten van Groningen, ende aende ander cant 't overcant van Coeverden. 
een bijbeltie met zegreyn ende silveren haeken 
een brandtsteenen hechten mes 
 
Goederen bij Roelefke Joostes uyt den sterfhuise genoten, haer alleen eigen sijnde 
een silveren zoutvat, ses silveren lepels, een boeck met silver beslagh, de trouwpenningh. 
 
[0025r] Warderinge gedaen ten overstaen van de heeren praesiderende burgemeesteren Pytter Pytters en Folkert Lammerts Nijkerk als commissarien, geadsocieert met dr. Dominico Wringer secretaris, ten sterfhuyse van wijlen de contrarolleur Harmen Thomas Gonggrijp, van alle sodanige goederen, als des selfs weduwe Roelofke Joostes sich heeft laten toewarderen, zijnde dese warderinge geschiet door Dieucke Clases en Dieucke Jansdochter, beyde gesworen uytdraegsters deser stede, soo volght, Actum den 9 aprilis 1679. 
 
In de binnenkamer 
een bed met een peul f 11-00-00 
drie kleyne oorkussentjes f 3-10-00 
twee pluymkussens f 6-00-00 
een wijtlingh f 1-15-00 
twee laekens f 2-10-00 
twee wijtlingen f 3-05-00 
een half laecken, een half wijtlingh met een peuldoeck f 2-10-00 
twee peulsackjes met twee slopen f 2-00-00 
drie witte schoorsteenkleeden f 2-05-00 
---------- 
f 34-15-00 
 
[0025v] twee blauwe gordijnen met een bedspreed ende schoorsteenkleedt met 't rabath f 9-10-00 
[marge: dese post mede bevonden eerst Roelofke in huys quam] 
een groen tafelspreed f 5-00-00 
een groen spreed met ene lapken f 2-15-00 
een blauw gevoerde sajetten deeken f 10-00-00 
twee blauwe stoelcussens f 4-00-00 
een groen trijpen stoelcussen f 1-05-00 
een swart laekens mantel f 15-00-00 
een pack grauwe sarjes kleren f 5-00-00 
een rockjen met een broek f 4-10-00 
twee wamboysen met een broek, ende een buytenst van een rock f 5-10-00 
twee glasgordijnen met de roetjes f 1-11-00 
een wijtlingh en een half f 1-05-00 
een catoenen bedspreedt f 3-00-00 
twee laekens f 3-10-00 
---------- 
f 71-16-00 
 
[0026r] twee laekens f 4-10-00 
twee dito f 6-10-00 
twee dito f 6-00-00 
twee dito f 5-00-00 
twee dito f 6-00-00 
twee dito f 10-10-00 
twee dito f 13-00-00 
een half laeken met een peuldoeck f 2-10-00 
twee peuldoeken f 1-15-00 
drie peulsacken in sorte f 1-05-00 
twee tafellaekens f 2-05-00 
twee tafellaekens f 2-00-00 
twee tafellaekens f 1-05-00 
[marge: de post in huys bevonden, voordat Roelofke Joosten in quam.] 
een tafellaken f 3-00-00 
ses servetten f 6-00-00 
ses servetten f 4-00-00 
---------- 
f 75-10-00 
 
[0026v] drie servetten f 1-15-00 
vier slopen f 4-00-00 
vier slopen f 6-00-00 
vier slopen f 4-05-00 
een setie hoofdgoedt met een groote ende kleyne doek f 3-10-00 
een silveren kop, mostertpot, ende een bekertje, t' samen wegende 39 1/2 lood, 't lood 28 stuivers, is f 55-06-00 
twee silveren dekseltjes met een mostertlepel, wegende 7 lood, a 25 stuivers 't loodt, is te samen f 8-15-00 
[marge: dese geweest als voren] twee porcelijnen koppen f 8-00-00 
een cop dito f 2-15-00 
[marge: als voren geweest] twee dubbelde butterschuttels f 9-00-00 
[marge: ut supra] een halve lampet f 4-00-00 
twee dito pannen f 4-00-00 
drie pantjes dito f 1-15-00 
---------- 
f 113-01-00 
 
[0027r] [marge: geweest als voren] twee pantjes f 1-15-00 
twee porcelijnen koppen f 3-00-00 
[marge: geweest als voren] twee dito kelckjes f 1-00-00 
twee dito kopkes f 1-11-00 
[marge: geweest als voren] twee schilderijen f 12-00-00 
twee schilderijen f 5-00-00 
een schilderije f 1-00-00 
een dito f 2-00-00 
[marge: geweest als voren] een spiegel f 6-00-00 
twee Spaense stoelen f 6-00-00 
[marge: geweest als voren] vier swarte stoelen f 6-00-00 
een swart vrouwen stoel f 1-00-00 
[marge: geweest als voren] een Hollants kas f 55-00-00 
een achtkantige tafel f 3-00-00 
---------- 
f 104-06-00 
 
[0027v] In 't voorkamerke 
twee roode gordijnen, rabat, 2 spreetjes met een roede f 6-00-00 
[marge: gewesen als vooren bij Roelofkes comste] een schilderd bord f 5-00-00 
twee schilderijen f 3-10-00 
een schilderije f 2-15-00 
een spiegeltie f 1-01-00 
een swart vrouwen stoel f 2-00-00 
ses roode stoelen f 9-00-00 
twee roode stoelties f 1-00-00 
een Bijbel in folio f 16-00-00 
een wit glas gordijn met een roede f 0-15-00 
een achtkantige tafel 4 2-05-00 
 
In 't voorhuys 
vijf roodrassen stoelcussens f 7-15-00 
[marge: dese geweest als voren] vier groene stoelcussens f 8-00-00 
---------- 
f 65-01-00 
 
[0028r] [marge: deze mede als vooren geweest] twee swarte stoelen f 1-01-00 
een Hollandtse kas f 7-00-00 
[marge: geweest als voren] een schilderij f 2-00-00 
een zeestuck f 4-10-00 
een geschilderd bord f 1-15-00 
een dito f 3-00-00 
een spiegel f 2-10-00 
[marge: geweest als voren] twee proceleinen vruchtschaeltjes f 1-05-00 
twee dito dubbelde butterpannen f 5-10-00 
een dito f 2-00-00 
twee enkelde dito f 2-15-00 
twee dubbelde butterschuttels f 9-00-00 
een porcelijnen panne f 2-00-00 
[marge: geweest als voren] twee dito klapmutskes met een kopke f 2-15-00 
drie koppen f 4-10-00 
een caert f 1-10-00 
vier glaeskes f 0-06-00 
---------- 
f 52-18-00 
 
[0028v] een plaetje met een voetschammeltje f 0-10-00 
twee kasdoeken f 1-15-00 
eenig bondt goedt soo handdoeken als anders f 1-06-00 
[marge: geweest als boven] een naykorf f 0-08-00 
een glasgordijn f 0-06-00 
twee kleyne dito met messchen roedtjes f 0-10-00 
[marge: geweest als boven] een mantelstock f 0-10-00 
een bierstelling met een puthaek f 0-15-00 
 
Op de solder 
veerthien kleerstocken a 4 stuyvers f 2-16-00 
eenige matjes f 0-12-00 
een tafel f 1-01-00 
een mangelbord, en stock, corven en ander rommelingh f 1-09-00 
een lieuwerix korf f 0-15-00 
een wafelijser f 2-10-00 
---------- 
f 15-11-00 
 
[0029r] twintich anjeliers stocken f 1-16-00 
 
Op de opkamer 
drie witte glasgordijnen f 1-15-00 
ende op een kleynkamerke f [niet ingevuld] 
een pack corf met een doos, met een stoffer f 2-10-00 
[marge: geweest als voren] een rack met borden f 1-00-00 
een slaepbanck f 1-00-00 
een peul met twee deekens f 3-05-00 
een vleysvath, krofke, een meelvatie f 1-08-00 
een kleerkorf f 1-05-00 
 
In de kelder 
een boffertspanne f 3-00-00 
eenigh rommlerij f 3-00-00 
 
Inde gangh keuken 
twee Oostindische butterpantjes f 1-00-00 
---------- 
f 20-19-00 
 
[0029v] eenige schalen f 1-16-00 
't rack f 0-15-00 
aen schalen f 1-13-00 
eenige glasen, een sandloperke f 1-00-00 
[marge: geweest als voren] een almenach en twee Oostindische vruchtschaeltjes f 1-13-00 
een spiegel, mantelstock etc. f 2-00-00 
kettingh, tange, scherm, etc. f 1-16-00 
drie schilderijties f 1-00-00 
een groen spreedt f 1-11-00 
een tafeltie f 1-15-00 
stoelen en kussens f 4-03-00 
een turfkorf, een back f 0-12-00 
gardijn met 't rabath, en schoorsteenkleedt f 2-10-00 
een bedt met een peul f 13-00-00 
---------- 
f 35-04-00 
 
[0030r] een wijtlingh f 1-15-00 
twee laekens f 5-00-00 
een peuldoek en een sack f 1-13-00 
een deeken f 4-00-00 
een deeken f 2-10-00 
een groene gevoerde deeken f 5-00-00 
drie oorkussens f 3-05-00 
drie sloopen f 1-05-00 
 
Op 't achteropkamerke 
een krebbe f 2-00-00 
een bed met een peul f 8-00-00 
een banck f 5-00-00 
een oorkussen met een sloop f 1-11-00 
twee laekens en een peulsack met een wijtlingh f 4-00-00 
een witte deeken f 2-10-00 
---------- 
f 47-09-00 
 
[0030v] een gevoerde deeken f 2-00-00 
een groene gevoerde f 3-00-00 
een paer glasgordijnen f 8-00-00 
een pars, met een schabeltje f 2-10-00 
noch wat rommelerij f 1-01-00 
drie stoelen f 1-00-00 
een enkerthoorn f 2-00-00 
een lessenaer f 1-00-00 
een anker f 0-10-00 
 
In 't spijskamerke 
een ijseren kandelaer met een mesken blaeker f 2-00-00 
eenigh tin f 5-02-00 
eenigh rommelerij f 1-07-00 
een mesken pottie f 1-17-00 
acht lepels en wat tin f 1-03-00 
---------- 
f 32-10-00 
 
[0031r] een vattie met een coperen zeef f 0-12-00 
een bortje f 0-02-00 
een rommelerij f 3-08-00 
een schuymspaen, slaadtsemmer, etc. f 2-06-00 
een koperen aker f 3-00-00 
een ijseren pot f 2-05-00 
eemers topke, en wat ander rommelerije f 2-02-00 
twee stooven f 0-04-00 
 
Achter in 't loodtske 
twee waschtobben etc. f 4-06-00 
een doofpot f 4-00-00 
waterpottenen eenigh rommelerije f 1-05-00 
een koekpanne, hanghijser, rooster, en kastanie panne f 2-00-00 
bedtsplancken f 1-00-00 
---------- 
f 26-11-00 
 
[0031v] een kleerbesem f 0-10-00 
een stoffer f 0-1-00 
---------- 
f 1-00-00 
f 26-11-00 
f 32-10-00 
f 47-09-00 
f 35-04-00 
f 20-19-00 
f 15-11-00 
f 52-18-00 
f 65-01-00 
f 104-06-00 
f 113-01-00 
f 75-10-00 
f 71-16-00 
f 34-15-00 
---------- 
f 696-11-00 
noch een groen laekens spreedt f 5-00-00 
---------- 
f 701-11-00 
 
Aldus gedaen, geinventariseert en gewardeert, in datis ut supra. 
In kennisse van osn commissaris ende secretaris. 
 
(get.) F. Lamberts Nijkerk 
 
(get.) P.P. Oldaens 1679 
 
(get.) D. Wringer 1679